Tokio, Japan
10 - 15 April 2024. Het is het begin van de lente, en ik was net op tijd aangekomen om de sakura’s, oftewel de Japanse kersenbloesems, in volle glorie te aanschouwen. Het is voor mij de eerste keer in Japan. Ik ken de taal niet, ik heb afgezien van een paar doelen geen plannen, maar heb wel veel tijd voor de boeg in het land van de rijzende zon.
Ik kwam midden in de nacht aan op Haneda Airport in Tokio. Het openbaar vervoer was net gestopt met rijden, waardoor ik de eerste nacht in Japan doorbracht in de drukke, maar stille aankomsthal. Na een paar uur gelegen te hebben op mijn handdoek op de grond nam ik de trein richting mijn hostel in Shibuya. Wat me meteen opviel toen in de serene ochtendspits, was hoe gemoedelijk en vol routine de mensen in de trein zitten en staan. Het was weliswaar spitsuur op deze doordeweekse dag en daardoor druk, maar de stilte en geestelijke rust was zoals ik die nog nooit eerder in een stad heb ervaren.
Tokyo Haneda Airport Train Station
De sereniteit was misschien bij mijn pogingen het megadrukke Shibuya Station te verlaten even minder merkbaar. Ik had geen idee welke kant ik op moest, en dat bijna niemand Engels spreekt maakt het er niet makkelijker op. Bovendien loopt iedereen gedecideerd door het station op weg naar hun werk. Ondanks hoe speciaal en vreemd deze eerste ervaring voor mij hier was, was het ook gewoon weer een alledaagse dag in de ratrace van Tokio. Verder viel de stijl van de Japanners in Tokio me in positieve zin op. En hoe schoon alles is.
Shibuya, Tokio
In combinatie met het zonnige, doch frisse weer, hing er voor mij een magische sfeer in de stad. De algehele maatschappelijke en technologische ontwikkeling die hier te zien is, is herkenbaar, maar tegelijk ook zo anders dan in het Westen. Daarnaast heb ik het idee dat ik hier kleurtinten zie die ik nooit eerder heb gezien. Het is natuurlijk ook net lente, maar de kleuren zijn zó levendig. Alsof er een filter overheen zit.
Ik keek mijn ogen uit en voelde me ondertussen een alien. Met name vanwege de taalbarrière. Eten bestellen was vaak al een heuse opgave, laat staan een gesprek voeren met een Japanner. Alleen in Tokyo, wat de magische ervaring hier zeker onderstreepte. Ik doolde door drukke en minder drukke straten, op zoek naar parken en kersenbloesems. Ik zocht zijdelings ook naar sporen van de overleden ‘Godfather of Lo-fi HipHop’, Nujabes. Een legendarische beatmaker die zijn thuisbasis had in Shibuya, waar hij ook in 2010 te vroeg aan zijn einde is gekomen.
Na een paar nachten in Shibuya kwam ik terecht bij een oud capsulehotel in Shinjuku. Dit zou op zichzelf een zeer tegenvallende ervaring blijken, maar achteraf gezien heeft het me veel opgeleverd. Onder andere vanwege een ontmoeting in het hotel met een Franse backpacker, met wie ik een memorabele avond uit ervaren heb. We werden op straat door een willekeurige en zeer gastvrije groep Japanners uitgenodigd om met ze mee te eten en te drinken, ondanks dat we elkaar nauwelijks konden verstaan.
Kuyakusho-mae Capsule Hotel, Shinjuku
In het capsulehotel werden gasten geacht het gehele hotel tussen 10 uur ’s ochtends en 2 uur ’s middags te verlaten i.v.m. de dagelijkse schoonmaak. Ondanks dat ik er meerdere nachten achter elkaar verbleef, moest ik elke dag wel het hotel verlaten om op ontdekkingstocht te gaan. Gelukkig was het nog altijd prachtig weer, en heb ik me vele uren kunnen vermaken in één van de mooiste stadsparken waar ik ooit ben geweest: Shinjuku Gyoen. Het park werd druk bezocht door de lokale bevolking alsook toeristen. Velen namen talloze foto’s van en bij de sakura’s en mensen zaten te genieten met elkaar op een kleedje in het gras. Ik laafde me vol overgave aan de Japanse zonnestralen en de parken die in bloei stonden. Je kon het zien, horen, ruiken en voelen. Het was duidelijk lente.
Shinjuku Gyoen